1 Een van de eerste herculeswerken waarmee je wordt geconfronteerd als je de trein wilt nemen in Japan is het juisite ticket kopen voor je reis. Je zoekt de prijs van je traject uit op een edeailleerd plan boven de automaten (gelukkig zijn de meeste stopplaatsen ook in westers geschrift aangegeven), en steekt vervolgens het corresponderende bedrag in de automaat, die een ticket voor die prijs afdrukt. Daarmee stap je dan op de trein. Het kost in het begin wat tijd om uit te zoeken hoe alles precies functioneert, maar blijkt uiteindelijk een eenvoudig en efficiënt systeem.
2 Enkele automaten voor treintickets met bovenaan het bord met de bestemmingnen, waar je het bedrag voor je ticket op kunt vinden.
3 Een Japanse treintabel: voor fijnproevers van treindienstregelingen.
4 In de grote stations heb je aparte gebouwen voro de Shinkansen (hogesnelheidstrein) en de gewone regionale lijnen. Het is goed uitkijken tussen de talrijke aanwijsborden om het juiste spoor te vinden.
5 De Japanse hogesnelheidstrein, de Shinkansen, rijdt van zuid (Fukuoka) via Tokyo naar het noorden (Atami). Het is een prachtig vervoermiddel, waarschijnlijk het meest efficiënte spoorwegennet ter wereld, en dat al sinds 194, wanneer de eerste trein in gebruik werd genomen. (Hierboven de Nozomi 700, het snelste model, die enkel tussenstops maakt in de belangrijskte stations).
6 Er rijden sinds de ingebruikname in 1964 reeds een groot aantal verschillende modellen rond, die bijna allle even spectaculair (en curieus) ogen. (hier de Hikari Railstar, vergelijkbaar met de Belgische interregionale treinen, maar onvergelijkbaar veel sneller)
7 Nogmaals de Hikari Railstar.
8 De Nozomi, snelste Shinkansen.
9 Hikari, ouder model maar mooie vormgeving. Uit het raam leunt de conducteur van de trein, die erop toeeziet dat de trein op een corrcte manier het station verlaat, en met de hand aan de pet zijn collega op de kade groet bij binnen- en buitenrijden van het station.
10 Er rijdt ook een dubbeldekker, met een heel vreemde (laat ons hopen aerodynamische) vorm.
11 Dubbeldekshinkansen.
12 Een van de oudste shinkansen die nog rijden, nu als shinkansen-boemel; die in middelgrote steden eveneens stopt (de snellere modellen stoppen enkel in de grote steden).
13 Een stoelendans in een treinstel: de stoelen worden per stel automatisch gekeerd en weer in de rijrichting gezet.
14
15
16
17
18
19 Enkele modellen van de regionale treinen.
20 De regionale express tussen Hakata/Fukuoka en Nagasaki.
21 De regioanle express naar Kanazawa in het station van Kyoto.
22 De regionale express tussen Kurashiki en Matsue.
23 Een lokale boemel.
24 Een lokale boemel.
25 Een lokale boemel.
26 De lokale boemel naar Inari (station Kyoto).
27 Lokale treintjes hebben de zetels vaak tegen de ramen, om tijdens piekuren meer plaats te kunnen bieden aan staande (of hangende) reizigers.
28
29 Japaners staan heel geduldig netjes in de rij te wachten op de plek waar de deur van de trein of metro tot stilstand komt: dat is de meest efficiënte manier om snel in en uit de trein te stappen.
30 Soms komt er wat overredingskracht aan te pas om alle reizigers veilig thuis te laten komen.
31 De late treinen in Tokyo zitten vaak nog boordevol mensen die nog naar huis moeten, na een avondje stappen met vrienden of met collega's van het werk. Het zorg voor een gezellige maar voorname drukte.
32 Een late trein in Tokyo: druk, maar iedereen een klein eilandje op zichzelf.
33 Een late metro, met passagiers in verschillende staat van sluimering.
34 Een wervingsaffiche voor treinmedewerkers, in manga-stijl.